De jury

De jury is zo samengesteld dat verschillende relevante expertises hierin vertegenwoordigd zijn. Het gaat hier om expertises die specifiek zijn voor fietsbeleid, maar ook juist om de schoolomgeving en flankerend beleid zoals gezondheid. De volgende vijf mensen vormen de jury.

Laurent de Vries directeur GGD Nederland, voorzitter
Laurent de VriesLaurent de Vries is directeur van GGD Nederland, de koepelorganisatie van de GGD'en. Zelf is Laurent de Vries vooral een fervent wandelaar, maar vanuit gezondheidsbelangen gaat hij zeker ook voor Fietsstad 2011. " Dagelijks lekker bewegen is belangrijk om te gezond te blijven, voor kinderen is naar school fietsen daarvoor een prima manier. Het is dan wel noodzakelijk dat kinderen een veilige en plezierige fietsroute naar school hebben. Een uitdaging voor alle gemeenten dus."

Bert-Jan Kollmer directeur Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO)

Bert-Jan Kollmer is directeur/bestuurder van de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO), de landelijke belangenbehartiger van het openbaar onderwijs. Als directeur van de vereniging voor leerlingen, ouders en professionals in het openbaar onderwijs vindt hij een verkeersveilige school- en woonomgeving voor kinderen ontzettend belangrijk. Niet voor niets is de VOO al sinds jaren als mede-initiatiefnemer betrokken bij het bekende project Verkeersouders van Veilig Verkeer Nederland. Bert-Jan juicht het project Fietsstad 2011 van de Fietsersbond van harte toe en roept ouders op om hun kind vaker met de fiets naar school te brengen! Dat is heel gezond en voorkomt verkeersdrukte voor scholen.

Nettie Bakker hoofdredacteur Verkeerskunde
Nettie Bakker‘Als lerares draag ik tijdens de schooluren de zorg voor het kostbaarste bezit van ouders'. Die uitspraak van een basisschoollerares, jaren geleden, is me altijd bij gebleven. Maar wie draagt de zorg voor dit kostbare bezit, van huis naar school? De gemeente die daarin uitblinkt en betrouwbare fietsroutes biedt aan de (jonge) weggebruikers, verdient in 2011 de titel Fietsstad van Nederland. Als hoofdredacteur van het vakblad Verkeerskunde, zal ik in de jury de verkeerskundige kennis en visie in de breedte vertegenwoordigen en op die manier mijn oordeel vormen. Maar natuurlijk ook als moeder en oma van een kostbaar kroost.

 

Petrouschka Werther hoofd regionale mobiliteit, Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Petrouschka WertherFietsbeleid is gedecentraliseerd, maar het onderwerp komt toch vaak op de agenda. Internationaal zijn wij voorloper en kunnen we goede sier maken met de vele fietsers. Het onderwerp brengt altijd een glimlach op de gezichten. Het is fijn dat wij onze relaties kunnen doorverwijzen naar gemeentes waar je in de praktijk kunt zien hoe je het fietsen kunt stimuleren. Dit jaar staat fietsen naar school extra in de schijnwerpers. Zelf woon ik zo dicht bij school dat mijn dochter niet mag fietsen. Als alle kinderen die minder dan tien minuten lopen naar school zouden fietsen, dan barst het fietsenhok uit zijn voegen! Ik zie uit naar de bezoeken aan de kandidaatsteden.

 

Willem Hermans stedenbouwkundige, TU Delft, Rijnboutt
Willem HermansVanuit mijn woonplaats Zoetermeer is de door Adriaan Geuze geformuleerde "Hollandse Koeien-norm" goed te halen. Hij - en ik ben het hartgrondig met hem eens - formuleerde ooit dat een aantrekkelijke Hollandse stad oa wordt gekenmerkt door de mogelijkheid om per fiets, met kind achterop of ernaast, binnen maximaal 15 minuten fietsen vanuit huis in het landschap om de stad heen een koe te kunnen zien. Dat vraagt om een goed ontworpen netwerk van openbare ruimten, waarin het langzaam verkeer dominant in aanwezig is. Vanuit mijn belangstelling voor steden en het werk op de TU-Delft kom ik in buitenlandse stedelijke afstudeerprojecten steeds nadrukkelijker "BMW-mobility" tegen. Het gaat niet om investeringen en veranderingen in de stad voor een Duits automerk, maar dat bereikbaarheid in stedelijke centra alleen maar goed kan worden georganiseerd door de nadruk te leggen op Biking, Metro-systems and Walking. Kortom, goed ontworpen langzaam verkeerssystemen en openbaar vervoer zijn internationale bouwstenen voor duurzame stadsontwikkeling en daar draagt de NL-traditie zeker aan bij.