Fietsen in de stadsjungle

Gepubliceerd op 14-12-2011. Laatste update op 03-02-2012.

Wie dagelijks in een willekeurige Nederlandse stad door de ochtendspits fietst, zal ongetwijfeld een gevoel van herkenning hebben gehad bij het artikel van Julien Althusius in De Pers vanmorgen. In 'Fietsers: gedraagt u!' schrijft Althusius zijn fietsfrustraties van zich af en maakt hij een paar goede punten. Nu is het voor ons geen verrassing dat fietsers zich aan elkaar ergeren. Onze campagne Vriendelijk Verkeer inventariseert sinds de start al ergernissen van fietsers, en daaruit blijkt dat fietsers elkaar zeker niet sparen. Onoplettendheid (bijvoorbeeld van bellende fietsers) en ongemanierdheid worden hierbij vaak genoemd. Dat zijn twee dingen die Althusius ook aan de kaak stelt, en waar we als Fietsersbond ons van harte bij aansluiten.

Drukte in Amsterdam
Druk bellende fietsers in Amsterdam - Foto (cc) Marc van Woudenberg

Zijn we het dan helemaal eens met het verhaal in De Pers? Dat niet. Althusius concludeert dat het grootste probleem de fietser zelf is, en heeft hierbij zichzelf als maatstaf genomen. Hij is een haastige fietser die pleit voor minimumsnelheden aan de ene kant en een verbod op spatbordkleven aan de andere kant. Ook moeten bakfietsen het veld ruimen. Die zijn namelijk te breed en te onhandig. Kortom: fietsen in de stad is als het overleven in een jungle – alleen de sterkste, slimste fietsers zullen overleven, en alles wat afwijkt van het gemiddelde moet zich aanpassen of verdwijnen. En dat is volgens ons nou net geen oplossing.

Nederland is namelijk een bijzonder land. Hier fietst namelijk iedereen: van jong tot oud, van arm tot rijk en van noord tot zuid. In onze uitgave Fietsen in cijfers lezen we dat 5 miljoen fietsers dagelijks ruim 14 miljoen fietsritten maken. Dat is veel. Tussen 8.00 en 9.00 uur zijn er zelfs meer fietsers op de weg dan auto’s. Fietsers in alle soorten en maten. Forensen als Julien Althusius, maar ook ouders die hun kind naar school brengen in de bakfiets, op een zelfstandige fiets of achterop, ligfietsers die lange afstanden afleggen en ouderen op weg naar hun kleinkinderen of gewoon naar de supermarkt. Allemaal fietsers met hun eigen wensen en noden. En zoals je ook geen verbod eist op vrachtwagens omdat ze de verkeersstroom ophouden, kun je ook geen eisen stellen aan wie er wel of niet mag fietsen en hoe dan wel.

Om het probleem van chaos op het fietspad goed op te lossen is een gedragsverandering van fietsers niet genoeg. De overheid zal  – net als op de snelwegen al heel gewoon is – moeten investeren in de infrastructuur. In voldoende en goede stallingsplekken. In verkeerslichten die fietsers vaker voorrang geven.  In bredere fietspaden, geschikt voor het in de afgelopen jaren fors toegenomen fietsverkeer. Dan kan de haastige Pers-journalist de drukke bakfietsvader gewoon inhalen. En kunnen we allemaal zonder irritaties naar onze bestemming fietsen.

Martijn van Es, medewerker communicatie Fietsersbond

Chaos ja, wangedrag neuh...

Misschien is het allemaal wat bedaarder in Fietsstad Groningen, maar ik merk weinig tot niets van onvriendelijk gedrag van medefietsers. Natuurlijk, het is een rommeltje en men doet vaak maar wat, maar ergens vind ik dat wel leuk. Beetje leven en laten leven.

Mensen zouden eens moeten leren dat jakkeren nauwelijks tot tijdwinst leidt. Ik vind het nooit erg om even te wachten. Tot enkele maanden geleden was mijn traject enkele reis 21 km. Grotendeels over rustige paden, dus kon ik vaak zo hard ik wilde. Wat blijkt: vol vermogen op mijn lage racer (da's een ligfiets) leverde vrijwel geen tijdwinst op ten opzichte van kalm peddelen.

Met mooi weer deelde ik het traject met ietwat dovige, zeer trage oudjes. Rustig je snelheid eruit halen, aandacht trekken en weer verder. Geloof me, je komt echt met minimale vertraging thuis. 

Wat wel een ernstige bron van ellende blijft zijn brommertjes. Sociale brommerrijders zijn een zeldzaamheid. En inderdaad, de sluitpost die fietspad heet. Zoveel fietskilometers, zo weinig investeringen in fatsoenlijke infrastructuur.

 

Daniel Siepman

Stadrijders

Ik woon in Amsterdam, en hoewel het hier best wel redelijk rijden is voor fietsers ben ik het er wel mee eens dat zeker 70 procent van de fietsers denken dat onder een auto liggen leuk is. Bijna iedereen rijd hier met een mobiel aan hun oor, en soms nog met een klein kind achterop of in een stuurzitje. Geen idee waarom de meeste door de stoplichten rijden en dan halverwegen een drukken kruising niet verder kunnen en heel kwetsbaar staan tussen de tram en auto,s. Ze kunnen dan niet eens meer zien wanneer het groen is en voor ze het in de gaten hebben rij je ze alweer voorbij. Wanneer ik niet fiets en met de auto ben zie ik nog veel meer levensgevaarlijke situaties. het vreemde vind ik dat wanneer er weer eens vanuit het nieuws wordt geroepen dat er weer zoveel fietsers zijn om gekomen in het verkeer de auto,s de schuld krijgen. Ik tel meestal op het stukje van mijn huis naar mijn werk, zo een 9 kilometer de stad door wel 40 fietsers die niets hebben gemerkt van het feit dat hun domme beslissingen in het verkeer al even zo veel keren verkeerd had kunnen aflopen. Dan heb ik het nog niet eens over de mensen die geen licht hebben op hun fiets of een mini pitje dat alleen zichtbaar is als je er vlak achter bent. Veel fietsers in Amsterdam doen maar wat en gaan schelden wanneer het ze bijna hun leven kost. Ik zelf heb een keer een fietser tegen mijn auto aan gehad die door het rode licht reed. Ze knalde op mijn auto, vloog er overheen en stand aan de andere kand van de auto weer op. Toen de politie er door een voorbij ganger bij was geroepen kreeg ik zowat de schuld. Ik vroeg de agent even mee te komen om naar de fiets te kijken dat hij wel wilde doen. Ik zei, wij auto bezitters worden gekeurd en moeten aan allerlei eisen voldoenom met de auto de weg op te mogen. De fiets die zo net tegen mij aan gereden was, was totaal verroest, had geen lamp voor of achter, achter geen spatbord, voor hing dat ding er aan te dansen, gladde banden en een krom frame. Één en al roest. Geen bel. Dat zagen we even in een paar seconden. Als u hier alles opschrijft, zet u deze dingen er dan ook bij. Ja dat zal ik doen meneer, maar het zal niets uit maken. Dat zijn dus ook stadfietsers, ze rijden op wrakken. Je staat voor een stoplicht en dan komt er een hele hoos fietsers die voor je om je en half op de kruising gaan staan. Dat rijd echt lekker hoor. Ik neem nu al een tijd de stillen binnen straatjes, gaat prima, geen stoplichten en geen gedoe maargewoon lekker.

 

 

Gelukkig ben ik een sterke,

Gelukkig ben ik een sterke, slimme en snelle fietser en red ik me goed in het stadsverkeer. ‘k Zorg dan ook dat ik duidelijk zichtbaar ben door verlichting (gewoon met een ouderwetse dynamo) en reflectoren en het liefst geen zwarte kleding op de fiets. En ik zorg dat ik indien nodig waarschuw dat ik er aankom met mijn bel. Maar inderdaad, bakfietsen zijn vreselijke ondingen en zouden wat mij betreft wel verboden mogen
worden. Ze nemen op sommige gedeeltes van het fietspad te veel ruimte in zodat je er niet langs kunt, ze rijden altijd langzaam omdat ze zwaar trappen en dus moeilijk vooruit te krijgen zijn. Daarbij worden ze op de openbare weg geparkeerd, waar ze de ruimte van 3 normale fietsen innemen en als het even tegenzit zodanig neergezet worden dat rolstoelers er niet meer langs kunnen en blinden en slechtzienden en over struikelen. Echter ze zijn er nu eenmaal en heten ook nog eens een statussymbool te zijn, verbieden kan dus niet meer. Maar ontmoedigen
misschien wel. Mijn moeder had vroeger haar kleinste in een zitje aan het stuur en de oudste achterop. Twee kinderen achterop is ook mogelijk, dus het kan allemaal prima zonder asociale trage bakfietsen op de weg en het voetpad. Misschien kan er wat meer aandacht komen voor de nadelen van de bakfiets en zullen intelligente moderne mensen liever aan alternatieven denken. Het zou de veiligheid op stadse fiets- en voetpaden ten goede komen!

Snelle fietsers

Ik rij drie maal per week op de racefiets voor de conditie. Een snelle ronde dus. Wat een ellende, je doet het nooit goed. Rij ik door de polder, rijdt daar een echtpaar van de natuur te genieten. En is dus duidelijk niet bezig met het zich gelijktijdig gedragen als verkeersdeelnemer. Van afstand zie ik beiden slingerend het hele fietspad gebruiken. Heb geen zin in een aanvaring dus bel even. Grote bek als gevolg en bijna een handgemeen. Een volgende keer besluit ik een soortgelijke situatie maar zonder bellen te passeren. Gevolg idem dito. Overigens snelle rijders zoals ik zijnn regelmatig ook volkomen asociaal. Inhalen als het echt niet kan met tegenliggers ipv even gas terug te nemen. Oplossing ik rij bij voorkeur buiten de weekenden en met slecht weer. Lekker rustig!

Fietsen in de stadsjungle

Ik rij nu dik een jaar op een scooter met blauw kenteken op het fietspad. Ik ging altijd met de auto naar mijn werk maar omdat de gemeente Amsterdam het nodig vond om bijna overal betaald parkeren in te voeren was het voor mij te duur om met de auto te gaan. Ik lees veel negatieve verhalen in de media over het rij gedrag van scooters. Nu heb je altijd gekken die veels te hard rijden en roekeloos,die zie ik ook echt wel. Ik zelf rij rustig en gecontroleerd maar wat ik niet allemaal op het fietspad aantref...fietsers die met oordoppen in, muziek luisteren, bellen, sms-en, veel fietsers slingeren daardoor van links naar rechts over het fietspad. Horen je niet eens aankomen. Toeteren wil ik niet want dat wekt irritatie op zeggen de fietsers dus blijf ik er netjes achterhangen.....veel jongeren op weg naar school fietsen met z'n drieën op het fietspad..nou en dit alles wekt bij mij ook irritatie op...Ik lees nou nooit eens in de krant/media dat er ook mensen zijn die hun auto hebben weggedaan en een scooter hebben gekocht...minder luchtvervuiling, minder benzine etc...ik heb dit wel gedaan en heb er geen moment spijt van gehad, nu nog de fietsers een beetje opvoeden om met het verkeer bezig te zijn....

Voetgangers

Schrijf ook eens een stukje over voetgangers. Die lopen niet alleen over de stoep, maar in de stad overal, zonder te kijken. Sterker nog: ze kijken jou als fietser aan, lopen door en worden boos als je niet uitwijkt of een noodstop maakt.