Sportief dagelijks fietsen in Rotterdam

Ideaal fietslicht

Het belangrijkste aan een fietslamp is natuurlijk het licht. En dat betekent niet direct hoe meer licht, hoe beter, maar het is ook belangrijk hoe en waar het licht valt. Om te beginnen moet een fietslamp ervoor zorgen dat je gezien wordt in het verkeer. En als je door onverlicht gebied fietst, moet een lamp ervoor zorgen dat je ook zonder straatlantaarns ziet waar je fietst.

Wat voor licht een fietslamp geeft, kan behoorlijk verschillen. Zie bijvoorbeeld deze drie lampen.

halogeenlamp

A. schijnsel van halogeenlamp.

Contec HL 200 lichtbundel

B. Licht van Contec HL 200, winnaar dynamolampentest 10-27 euro. 

Schijnsel Buschenmuller luxos

C. Schijnsel van een goede, duurdere, ledlamp, in dit geval de Busch & Muller Luxos. 

Een ideale lichtbundel verlicht een breed gedeelte van de weg, zodat je kunt zien wat er voor je ligt en dat er een bocht aankomt. Maar niet alleen wat er voor je ligt. Je moet ook wat kunnen zien van de berm en waar je langs fietst.

Een ideale lichtbundel is egaal, niet vlekkerig.

Het felste punt moet niet te dicht bij het voorwiel liggen, want dan focussen je ogen daarop en zie je niet meer wat er verder voor je ligt. Als het felste punt dichtbij je voorwiel zit, kun je hem weliswaar hoger zetten zodat hij verder komt, maar daar zijn tegenliggers niet zo blij mee. Een goede lichtbundel geeft veel licht voor de fietsers zelf, zonder dat het tegenliggers hindert. Daarvoor is het nodig dat op de koplamp een strakke grens zit tussen het felste deel (dat verderop op de weg schijnt) en het deel dat recht naar voren schijnt (dat in de ogen komt van tegenliggers). In vaktermen: cut-off.

Een fietslamp met ronde bundel  kun je nooit goed afstellen. Met het felste punt goed gericht op de weg gericht verblind je tegenliggers. Met de lamp zo gericht dat tegenliggers niet verblinden is het felste punt vlak voor je voorwiel.

Naast licht dat voor je op het fietspad schijnt om zelf te kunnen zien waar je naartoe gaat, heb je ook licht nodig dat ervoor zorgt dat je vanuit verschillende hoeken gezien wordt door andere weggebruikers.

Tunnelvisie: Onprettig is een lamp waarbij je het gevoel hebt in een tunnel te fietsen. Dat krijg je met een smalle, felle lichtbundel waarbuiten je niks ziet.

Lamp schijnt in ogen: Ook heel onprettig is een fietslamp die in je ogen schijnt. Dan gaan je ogen zich anders instellen en kun je het fietspad niet meer goed zien in het donker. Soms kun je iets met een plakbandje afplakken, maar idealer is natuurlijk als de lamp direct goed is.

Lees hier hoe je een (goed) lamp afstelt.