Direct naar inhoud

De enquête en beoordeling van Fietsgemeente 2026

Om te komen tot de winnende Fietsgemeente, kijken we niet alleen naar de uitkomsten van de vragen in de enquête. We rekenen ook objectieve data per gemeente mee, zoals het aantal fietsongevallen en veilige routes voor fietsers. Op deze pagina lees je meer over de vragen die we stellen in de enquête, welke objectieve data we meenemen in de berekening en hoe we uiteindelijk komen tot een beoordeling.

Doet elke gemeente mee? 

Elke gemeente doet automatisch mee. Het staat fietsers vrij om over elke gewenste gemeente een enquête in te vullen. Misschien woon je in de ene gemeente en fiets je vaker in een andere gemeente. De enquête kon worden ingevuld tussen 15 augustus tot 31 oktober. Om in aanmerking te komen om mee te dingen naar de beste Fietsgemeente moeten er minimaal 50 enquêtes voor de gemeente zijn ingevuld. Voor twee gemeenten was dat niet het geval. Deze dingen dus niet mee naar de titel.  

De enquêtevragen 

De enquête gaat over drie hoofdonderwerpen: Fietsgeluk, Veiligheid & Drukte en Infrastructuur & Onderhoud. Alle vragen bij deze drie hoofdonderwerpen worden ingevuld door op een schaal van 1 tot 5 een score te geven. 

Fietsgeluk 

Wat is het ervaren fietsgeluk binnen een gemeente? Denk aan vragen zoals: 

Veiligheid en drukte 

Hoe ervaren fietsen de veiligheid en drukte binnen een gemeente? Denk aan vragen zoals:  

Infrastructuur en onderhoud 

Hoe ervaren fietsers de inrichting van fietspaden en het onderhoud eraan? Denk aan straatverlichting, omleidingen en obstakels. Vragen zijn bijvoorbeeld:  

Objectieve data 

Naast de enquêtevragen, nemen we ook objectieve data mee in de berekening van Fietsgemeente. Net zoals bij de vragenlijst, hebben we voor de objectieve data per onderwerp een score op een schaal van 1 tot 5 toegekend. We kijken naar de volgende objectieve data: 

Fietsritten 

Welk gedeelte van alle ritten wordt op de fiets gedaan? We kijken hierbij naar alle ritten van A naar B. Al deze ritten krijgen een hoofdvervoerwijze mee, bijvoorbeeld bus, auto of fiets. De fietsritten is het deel van alle ritten. De data zijn afkomstig uit het Nederlands Verplaatsingspanel van Goudappel.  

Ongevallen 

Aantal ongevallen per fietskilometer: Daarbij wordt gekeken naar hoe groot de kans is om betrokken te raken bij een fietsongeval als je één kilometer fietst. Hierbij rekenen ongevallen met dodelijke afloop zwaarder mee dan ongevallen met letsel. We gebruiken hiervoor de openbare data van Bestand geRegistreerde Ongevallen in Nederland (BRON). Hierin zijn alle verkeersongevallen in Nederland opgenomen die door de politie en/of weginspecteurs van Rijkswaterstaat zijn vastgelegd. We kijken naar de geregistreerde ongevallen waarbij fietsers betrokken zijn in verhouding tot de hoeveelheid fietskilometers die binnen een gemeente worden afgelegd. 

Veilige routes 

Welke wegen zijn goed begaanbaar voor de fietser en zijn de wegen in de gemeente veilig ingericht? We kijken hierbij naar de snelheid van het autoverkeer. Als auto’s 50 km/uur mogen rijden binnen de bebouwde kom, is er dan een fietspad? Buiten de bebouwde kom kijken we of er een fietspad is bij een snelheid van 80 km/u. We gebruiken hiervoor de data van de Fietsersbond Routeplanner en de openbare kaart met maximumsnelheden van het Nationaal Dataportaal Wegverkeer

Welke wegen zijn goed begaan en veilig ingericht voor de fietser? Hoe beter begaanbaar, hoe hoger de score. 

Woon-werkverkeer op de fiets 

Hoeveel banen zijn er bereikbaar in een half uur fietsen? Vanuit elke buurt in een gemeente hebben we gekeken naar hoeveel arbeidsplaatsen er binnen een half uur fietsen te bereiken zijn. We hebben hiervoor de data van het Mobiliteitsspectrum van Goudappel gebruikt in combinatie met informatie uit de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG). 

De beoordeling van Fietsgemeente 2026 

Om één gemeente aan te wijzen als de Fietsgemeente van 2026, weegt de mening van de ruim 40.000 fietsers in het land het zwaarst. Zij fietsen tenslotte dagelijks in de gemeenten en zijn onze ervaringsdeskundigen. Daarom tellen de resultaten van de enquête twee keer mee. De objectieve data tellen we één keer mee.