Fietsen naar 2040

Marco te Brömmelstroet: “De fiets omarmen als oplossing in plaats van probleem”

“We hebben wereldwijd de morele plicht een voortrekkersrol te blijven spelen”

Het aantal fietsen en de invloed van tekentafelnormen zal drastisch afnemen. Daarentegen komt er meer ruimte voor de choreografie van de zwerm. Deze en meer trends signaleert Marco te Brömmelstroet, Associate Professor en wetenschappelijk directeur van het Urban Cycling Institute aan de Universiteit van Amsterdam.

Drukte in Utrecht
Beeld:

“In steden over de hele wereld spelen in toenemende mate allerlei leefbaarheids- en duurzaamheidsuitdagingen. Fietsen zal er verder herstellen als een blijvende oplossing voor de problemen daar. In Nederland zal wellicht het aantal fietsen juist drastisch afnemen. De fiets wordt steeds beter geïntegreerd in andere systemen; denk aan ov. Bezit en gebruik worden steeds meer van elkaar losgekoppeld; denk aan leasefietsen voor studenten en peer-to-peer delen.”

Afscheid van normen

“Hopelijk gaan we, ook in Nederland, de fiets beleidsmatig meer omarmen als oplossing voor problemen in plaats van als probleem an sich. Daarbij nemen we steeds meer afscheid van tekentafelnormen. Die hebben ons ver gebracht en zullen deels ook blijven. Maar waar de fietser nu domineert, zal ook de logica van wegindeling en verkeersorganisatie zich organisch moeten aanpassen. Immers, de logica en karakteristieken van de fiets maken het mogelijk om veel minder te organiseren met externe regels (bijvoorbeeld verkeerslichten, haaientanden) en om meer ruimte te geven aan de choreografie van de zwerm.”

“Internationaal gezien hebben we het goed voor elkaar. Deels door mazzel, deels door enorme inzet van vorige generaties. Laten we ons wel verplicht blijven voelen om andere mensen te helpen om dit ook te bereiken. Daar hoort een stevige professionalisering van ons ambassadeurschap bij. De internationale delegaties komen in steeds groteren getale bij ons, maar we moeten wel gedegen onderzoek blijven doen om hen ook het hele verhaal te kunnen vertellen.”

Individueel en collectief

“Kijken we naar de effecten van fietsen op onze maatschappij dan valt op dat fietsen wordt versterkt door een egalitaire samenleving en andersom. Op de fiets kun je individuele doelen nastreven – niet stoppen of botsen – en tegelijkertijd systeemdoelen dienen – veilige, efficiënte afwikkeling van mobiliteit – zonder grote negatieve effecten te veroorzaken, zoals onveiligheid, geluid, stank en vervuiling.”

“Fietsers staan lichamelijk en zintuigelijk open voor communicatie met anderen en met de omgeving. Daarnaast hebben ze directe en precieze controle over snelheid en richting. Hierdoor kunnen ze continu onderhandelen-in-beweging en in gezamenlijkheid tot oplossingen komen. Dit kan weer positieve effecten hebben op zaken zoals onderling vertrouwen of het gevoel ergens bij te horen. En die variabelen hebben weer directe relaties met geluk, gezondheid en levensduur.”

“Kansen die nog niet volledig zijn uitgenut, zijn serieuze integratie met ov – dus de OV-fiets stevig opschalen – en eerlijker beprijzen van het gebruik van de minder duurzame auto, vooral in steden. Met die combinatie kan een volledige systeemsprong worden bediend. Daarnaast kan de fiets nog meer worden gezien als oplossing voor niet-verkeersgerelateerde problemen. Denk alleen al aan preventieve gezondheidszorg. Zet in beleid niet de middelen, maar de doelen centraal. De menselijke maat moet weer domineren in steden. Daar is de auto automatisch een gast en meer fietsen een logisch middel. Niet meer, maar ook zeker niet minder.”

Paradox

“De paradox van fietsen is overigens dat het goedkoop is en daardoor onterecht banaal kan lijken. Giselinde Kuiper, hoogleraar Cultuursociologie, noemt fietsen een symbool van conspicuous non-consumption (opzichtig niet-consumeren); iets waaraan je geen aandacht wil en hoeft te besteden. Dat maakt het lastig om de fiets op de beleidsagenda te krijgen en er serieus in te investeren. We doen in Nederland al behoorlijk wat, maar dat kan nog veel overtuigender. Ik vind bovendien dat we wereldwijd de morele plicht hebben een voortrekkersrol hierin te blijven spelen.”

“Hoe ik zelf beweeg in 2040? Dan gebruik ik waarschijnlijk de combinatie fiets-trein voor mijn werk, dan loop ik in mijn woonomgeving en bezoek ik mijn ouders met een deelauto.”

Reacties

  1. Lomito says:

    Het is goed dat je een ander inzicht hebt, waar het om gaat is dat de lezers op dit forum kunnen kennisnemen van beide inzichten en daar hun eigen conclusies uit kunnen trekken.

    Terecht stel je dat de speed pedelec weinig te betekenen heeft in de grote steden, de kracht van deze fiets ligt immers in de hogere snelheid en grotere actieradius en dat komt daar niet tot z'n recht IN de stad met z'n relatief korte afstanden en drukke verkeer. Het verblijf in de stad is voor de speed pedelec slechts bijzaak, enkele minuten aan het begin en aan het einde van de rit, het overgrote deel van de rit vindt plaats buiten de stad: op het platteland, door bossen, over heides, langs kanalen en rivieren, van stad naar stad of van dorp naar stad.

    De kracht van de snelle fiets ligt dus in het forensen tussen steden onderling of tussen steden en dorpen, dus over langere afstanden in buitengebieden. Hoewel de snelle fiets niet op snelheid kan komen in de stad heeft deze wel alle voordelen van de fiets in de stad: weinig ruimtebeslag, hoge verkeersintensiteiten, geen uitlaatgassen, geen geluidsoverlast en een gezonde manier van voortbewegen. Zeer terecht dus om deze fiets te omarmen als oplossing van het file- en parkeerproblemen rondom en in grote steden.

    Ik vind het leuk om te zien dat de speed pedelec ondanks structurele tegenwerking van overheid en Fietsersbond aan een opmars begonnen is tegen de verdrukking in. Blijkbaar zijn de voordelen voor de fietsers groter dan de opgelegde nadelen (kenteken, helmplicht, enz). Het is wel jammer dat de fiets in zo'n negatieve omgeving tot ontwikkeling moet komen, in omringende landen hebben de respectievelijke overheden een veel positievere houding aangenomen tegenover de speed pedelec, resulterend in fiscale voordelen, gunstige werkgeversregelingen die de aanschaf en gebruik van de snelle fiets stimuleren. In België zijn de speed pedelecs dan ook niet aan te slepen.

    Nederland wil altijd het braafste jongetje van de klas zijn, maar op dit punt slaan onze overheid en Fb de plank compleet mis.

  2. Die hogere snelheid van de mee-trap brommer is waar, maar actieradius?

    De fiets heeft geen beperking, maar de mee-trap brommer is na een paar kilometer al een trap-je-rot brommer en dat wordt ieder jaar nog erger ook, dan is de fietser net een duracell batterij, bljft maar doorgaan.

  3. Er wordt verondersteld dat men grotere afstanden kan afleggen op een speed-pedelec (350 tot 1000 Watt, max 45 km/uur) dan op een gewone e-fiets (max 250 W, max 25 km/uur).

    De actieradius van het rijwiel is niet de beperkende factor. Met dezelfde accugrootte zou een e-fiets vanwege de lagere snelheid en gewicht zelfs verder moeten kunnen gaan dan een speed-pedelec. De beperkende factor is de reistijd. Die is voor de speed-pedelec korter. Maar hoeveel korter?

    Op een e-fiets rijdt de forens gemiddeld 22 km/uur = 2,7 minuten per kilometer. Op een speed-pedelec rijdt men binnen de bebouwde kom in de spits niet veel sneller dan dat. Buiten de bebouwde kom gaat de speed-pedelec'er gemiddeld 35 km/uur = 1,7 minuten per kilometer. Met de speed-pedelec spaart de forens dus ongeveer één minuut per kilometer buiten de bebouwde kom. In de praktijk levert de extra snelheid van de speed-pedelec vijf tot tien minuten tijdsbesparing op.

  4. Dat is wel een erg klein tijdverschil, daarom begrijp ik ook niet dat men voor deze "korte" afstanden voor de mee-trap brommer kiest.
    Een belangrijk argument ia altijd "beweging", maar dat heb je ook op de e-bike alleen een paar minuten langer.
    Dan het nadeel dat je op de rijbaan moet rijden binnen de bebouwde kom, dat hoeft dan ook niet. Verder hoef je geen helm op.
    Voor deze ritten zie ik alleen maar nadelen van de mee-trap brommer.

    Zijn er ook voordelen? Behalve dan die paar minuten sneller.

  5. Het is ook een leuke ervaring om 35 km/uur te fietsen maar verder zijn er geen voordelen ten opzichte van de e-fiets.

    Voor woon-werk is de e-fiets een goed alternatief voor de speed-pedelec. Als je de e-fiets pakt ipv de speed-pedelec dan ben je dus één minuut per bubeko-kilometer langer onderweg maar je rijdt veiliger. Met 22 km/uur heb je minder dan de helft van de kinetische energie van een speed-pedelec'er die 32 km/uur rijdt. Ook de remweg is veel minder. Dat is veiliger voor jou en voor andere gebruikers van het fietspad.

Reageer ook op ons forum

8 meer reacties

Deelnemers

Samen fietsen we beter!

Word lid