Gestolen en doorverkocht

Gepubliceerd op 16-07-2009. Laatste update op 16-11-2011.
Tags:

Gestolen fietsen worden in winkels verkocht; de politie controleert de winkels niet.
Jaarlijks worden 800.000 fietsen gestolen. Waar blijven die toch allemaal? Uit een rondgang langs tweedehands fietsenwinkels bleek dat een op de negen met tweedehands fietsen met een postcode korter dan een jaar geleden is gestolen. De Fietsersbond vindt dat de politie de heling van gestolen fietsen moet aanpakken.

‘Goedemiddag, ik was net bij de fietsenwinkel op de hoek op zoek naar een tweedehands fiets. De fiets die ik op het oog had,Al het nieuws voor fietsers in de bus had de postcode 3581 TB 41. Is dat uw postcode?' ‘Ja'. ‘Het gaat om een sportieve, niet al te grote Gazelle damesfiets. Heeft u die aan de rijwielhandel verkocht of bent u hem kwijt?' Annelies Jordens springt bijna door de telefoon: ‘Die fiets is van mijn zoon, anderhalf jaar geleden gestolen bij het voetbalveld. Hoe heeft u die gevonden? En wat moet ik nu doen?'

We zijn net begonnen met ons onderzoek naar de handel en wandel van gestolen fietsen en gelijk is het raak. Een fietsenhandelaar in de wijk Lombok in Utrecht biedt een twintigtal tweedehandsjes te koop aan op straat. Vijf ervan hebben een postcode. Vier daarvan kunnen we via de website www.postcode.nl en de digitale telefoongids herleiden tot een adres en telefoonnummer. Eén fiets is onbekend bij degene die we bellen, de tweede is jaren geleden ingeruild bij de plaatselijke fietsenhandel. De derde is ooit weggegeven. En de vierde bleek gestolen.

Gelukkig heeft Jordens indertijd aangifte gedaan bij de politie. Toch moet ze flink aandringen voordat een wijkagent samen met haar erop af gaat. De rijwielhandelaar is stomverbaasd: ‘Ik heb de fiets op de veiling gekocht.' Aantonen dat dat inderdaad zo is, kan hij niet. De inkoopadministratie ligt bij de boekhouder. Hij geeft de fiets echter zonder mankeren terug aan Jordens. De politieagent belooft binnenkort terug te komen om de inkoopadministratie te controleren. Na ruim vier weken kan de eigenaar echter niet aantonen waar de fiets vandaan komt. De wijkagent zegt met de zaak verder te gaan en het onder de aandacht te brengen van collega's die ‘dit soort zaken' in de gaten houden.

De eigenaar van de fietsenwinkel vertelt ons later dat hij zijn fietsen inkoopt op de Utrechtse veiling, van groothandelaar Heibike en van het Fietspunt in Utrecht. Dat zijn accountant de aankoopbon van de fiets niet tevoorschijn kan toveren, wijt hij aan het feit dat de man niets van fietsen weet. Later treffen we dezelfde eigenaar op de Utrechtse veiling waar hij samen met een andere opkoper het leeuwendeel van de fietsen opkoopt. Het kan dus heel goed waar zijn dat hij de fiets van Jordens daar ook gekocht heeft, maar zijn administratie is dan een janboel. En hij is niet de enige.

Officieel moeten winkels met tweedehands fietsen een in- en verkoopregister bijhouden. Deze wettelijke regeling, die heling moet tegengaan, heeft de curieuze naam ‘gruthok' regeling. De benaming stamt uit de tijd dat lompenhandelaren achter het huis een (grut)hok hadden staan waar allerlei afgedankt materiaal in terechtkwam en waar dan ineens nog een paar sieraden tussen zaten. De politie zou deze registratie ieder jaar moeten controleren, maar dat gebeurt nauwelijks. Wybe Diepersloot, chef politie bij het bureau Operationele Ondersteuning van de Utrechtse politie, kent de regeling wel, maar geeft toe hierop nooit te controleren, tenzij de winkel op de een of andere manier verdacht is. Overigens nemen de fietsenwinkels zelf het ook niet zo nauw met de ouderwetse regeling. Bij navraag blijkt acht van de tien fietsenwinkels niet zo'n registratie te hebben. Als ze wel registreren, komen ze met een kaartenbakje of stoffig schriftje aanzetten. Jelle Bartlema, de secretaris van de afdeling Tweewielers van de Bovag, de belangenbehartiger van de fietsenbranche, kent zelfs de hele regeling niet.

In totaal struinen we 26 winkels af in Utrecht, Amsterdam en Den Haag op zoek naar fietsen met postcodes. Fietsen met postcodes van kleinere plaatsen of dorpen, waren vaak ingeruild bij de plaatselijke fietsenhandelaar. Bij postcodes van steden ging het aanzienlijk vaker om een gestolen fiets. Van de vijfenveertig nagetrokken postcodes, bleken negen fietsen gestolen (zie kaders). De helft van deze fietsen is langere tijd geleden gestolen. De kans is groot dat die fietsen dus meerdere keren van eigenaar gewisseld zijn. Vijf fietsen waren korter dan een jaar geleden gestolen. Die zijn dus vrij snel in de winkel terechtgekomen. Hoe kan dat?

Tweedehandsfietsenwinkels kopen langs verschillende kanalen in, via de plaatselijke veiling bijvoorbeeld. In Utrecht worden elke twee weken rond de honderd fietsen geveild. De meeste daarvan zijn afkomstig van het politiedepot. Dan is er nog het particulierencircuit. Mensen ruilen hun oude fiets in bij de aankoop van een nieuwe fiets.
Voor groothandelaren als de Utrechtse Wheels en Heibike zijn dit echter kruimelinkopen. Wheels doet inkopen bij een ‘groothandelaar in Rotterdam en in het Zuiden des Lands', maar hoe die groothandelaren heten, wil filiaalhouder Rob Jager niet zeggen. De ‘inkoper in het Zuiden van het land' kan kloppen, want we vinden bij Wheels vier fietsen met postcodes die komen uit de buurt van Weert (Oost-Brabant). Alle vier, blijkt bij navraag, gewoon ingeruild bij de plaatselijke fietsenwinkel. Heibike heeft vijf filialen, in Hilversum, Houten, Woerden en twee in Utrecht. Jaarlijks verkoopt deze keten tienduizend fietsen en is daarmee een van de grootste handelaars in tweedehands fietsen in Nederland. De meerderheid wordt overigens aan het buitenland verkocht (Litouwen, Ghana en Nigeria). De beste modellen blijven in Nederland. Heibike koopt de fietsen van enkele grote winkelbedrijven en onderhands van de politie.

Wheels en Heibike registreren de in- en verkoop van hun fietsen wel, maar gecontroleerd zijn ze nog nooit. Rob Jager, filiaalhouder van Wheels: ‘We sturen die lijsten naar de politie. Eens kregen we een telefoontje van de politie wat ze met die lijsten moesten, dat wisten ze geeneens.'

Per jaar worden er 800.000 fietsen gestolen. Een deel daarvan komt terecht in de fietsenwinkel blijkt uit onze speurtocht, maar via welk circuit is moeilijk te achterhalen. Zijn groothandelaren of vooral de ‘kleine' helers de schakel tussen de gestolen fiets en tweedehandsfietsenwinkel? Hoe ziet het netwerk van professionele fietsendieven en helers eruit? Het zou hoog tijd worden dat eens in kaart te brengen.
Volgens Van Oppen, onderzoeker aan het Nationaal Centrum voor Preventie en auteur van het vorig jaar verschenen rapport ‘Fietsdiefstal en ‘tag'nology', is er echter ‘geen structurele bestrijding van heling omdat niemand daar belang bij heeft, behalve de fietser zelf.'
De Utrechtse politiechef Diepersloot: ‘Fietsdiefstal heeft in deze gemeente geen hoge prioriteit. Per jaar worden er 15.000 aangiftes gedaan. Niet genoeg om echt actie te ondernemen. Politiekorpsen worden afgerekend op hun prestaties. Het aantal aangiftes van auto-inbraak bijvoorbeeld is de laatste tijd enorm gestegen. Dan moeten we daar iets aan doen. Bij aangiftes van fietsdiefstal is geen schrikbarende stijging merkbaar en dus is het minder belangrijk.' Overigens is er vorig jaar wel een project fietsdiefstal geweest, gericht op fietsdiefstal door junks.

De fietsenfabrikanten hebben baat bij een positief beeld over fietsen. Framenummer en fiets-chip in het slot, moeten burgers een veilig gevoel geven omdat de oorspronkelijke eigenaar van de fiets daarmee makkelijk te traceren is. ‘Alleen', merkt Buitengewoon Opsporingsambtenaar bij de Utrechtse politie John Hoogenboom op, ‘het in het frame geperste nummer is uit de tijd. Tegenwoordig wordt er een sticker met streepjescode in de buurt van de trapas op het frame geplakt. Die sticker is met een mesje eenvoudig weg te krabben.' En als een slot van de fiets gesloopt is, is ook de chip in het Axa-slot verdwenen.

En de fietsenbranche, kan die iets doen aan heling van gestolen fietsen? Jos Louwman, eigenaar van een vijftal MacBike fietsverhuur en fietsreparatiezaken in Amsterdam, heeft drie jaar geleden het besluit genomen om geen tweedehands fietsen meer in te kopen. Ieder jaar worden veertig van zijn vijfhonderd huurfietsen ontvreemd. Soms vindt hij die weer terug in een winkel met tweedehands spullen. Een andere keer werd een fiets verkocht via het Amsterdamse vraag-en-aanbod krantje ViaVia. Louwman vindt dat er een gedragscode moet komen voor fietsenwinkels. ‘Fietsenhandelaren moeten met elkaar afspreken dat ze geen verdachte fietsen inkopen, geen gestolen fietsen repareren en een verdachte fiets proberen terug te bezorgen bij de eigenaar.' Samen met een paar Amsterdamse fietsenmakers heeft hij al een keer om tafel gezeten om dit plan uit te werken.
Onderzoeker Van Oppen vindt een gedragscode ‘een zacht document'. Wat hem betreft zou het een voorwaarde moeten zijn om jezelf een ‘erkende fietsenwinkel' te noemen. Een taak voor de belangenbehartiger van de branche, de Bovag dus. Die loopt er niet echt warm voor. Secretaris Bartlema: ‘Het is moeilijk controleerbaar en we kunnen geen dwangmiddelen gebruiken.' De Bovag wil ook niet in een politierol gedrukt worden. Bartlema wijst richting consument, die moet geen gestolen fietsen kopen. Maar dan moet de consument wel weten welke winkel betrouwbaar is en daarvoor zou een gedragscode met keurmerk zinnig zijn.

Kortom: iedereen wijst naar de gewone fietser en ondertussen lopen fietsendieven vrij rond. Burgers zouden meer aangifte moeten doen om fietsdiefstal op de prioriteitenlijst van de politie te krijgen en wie zijn fiets kwijt is, moet ervoor zorgen geen gestolen fiets terug te kopen. Ondertussen is er nog geen deugdelijk en eenduidig registratiesysteem om gestolen fietsen op te sporen, is de gruthok regeling hopeloos verouderd en voert de politie een sympathiek achterhoedegevecht door het handjevol fietsen dat in het politiedepot terechtkomt zo goed als mogelijk terug te bezorgen. Fietsdiefstal zou juist actief aangepakt moeten worden, te beginnen bij de helers. Tweedehandsfietsenwinkels, ook de grotere, moeten weer gecontroleerd worden en het netwerk van tweedehands gestolen fietsen in kaart gebracht. Als fietsdiefstal serieus aangepakt wordt, volgen die aangiftes ook.

Jolinda van Hoogdalem en Anne van Voorthuizen
Vogelvrije Fietser, juli 2002