TestKees

10 tips om sneller te fietsen

Sneller fietsen is niet alleen leuk voor de racefietser in een strak truitje, het is voor elke fietser fijn. Het betekent namelijk dat je vaker, langer, verder, frisser of via een mooiere route kunt fietsen.

Kees Bakker / Testkees
TestKees zoekt medetesters Beeld:

1. Verlaag het frontaal oppervlak

De meeste energie verbruik je met in de wind ploegen. Maak je klein, zo ga je sneller. Bij aanschaf van een nieuwe fiets is het goed te weten dat diep zitten je sneller maakt. Dat merk je overigens niet als je de fiets in de winkel op een hometrainer uitprobeert. Zet op een gewone fiets het stuur zo laag mogelijk. Met een triatlon opzetstuur zit je ook een stuk dieper. Op een racefiets scheelt het drie kilometer per uur als je je handen onder in de beugels houdt. Een ligfiets is snel vanwege het kleine frontale oppervlak. Eentje waarop je goed achterover ligt is zo’n drie à zes kilometer per uur sneller dan een racefietser die diep in de beugels fietst. Wat ook helpt: draag geen wapperende kleding en beperk de omvang van fietstassen.

2. Verlaag de rolweerstand

In het rollen van de banden gaat veel energie zitten, vooral bij lage snelheid. Rolweerstand kun je op drie manieren verlagen:

  • Pomp de banden op. Een harde band veert minder en verliest daardoor minder energie. Maar een harde band dempt ook de trillingen minder goed. Meer trillen betekent minder comfort en extra energieverlies. Zoek dus de ideale druk. Daarvoor is een pomp met een goede drukmeter en ventielkoppeling bijzonder handig.
  • Neem soepeler buitenbanden. Hoe soepeler de band hoe minder het rubber wordt vervormd.
  • Neem dunnere binnenbanden. Uit een meting van Schwalbe bleek dat dunnere binnenbanden een opmerkelijke besparing opleveren van zes watt bij een snelheid van twintig kilometer per uur.

 

3. Haal hoger rendement uit de onderdelen

Door wrijving in draaiende onderdelen zoals ketting en kogellagers, gaat energie tussen de trappers en band verloren. Dat verlies is bij een goed gesmeerde fiets met derailleurversnelling erg laag, ongeveer vijf procent. Bij een fiets met versnellingsnaaf is het verlies hoger. Maar hoeveel? En zit er een groot verschil tussen de naven onderling? Dat is nooit goed gemeten. Daar komt echter verandering in, de Fietsersbond ontwikkelt een instrument om het rendement van aandrijvingen te kunnen meten.

 

4. Fiets in de slipstream van iemand anders

De makkelijkste manier om harder te fietsen is kleven. Fiets je goed in iemands wiel dan verbruik je ongeveer dertig procent minder energie. Het grappige is dat kleven óók de fietser voor je een klein aerodynamisch voordeel geeft. Het slimst fietst de wielrenner die middenin een peloton kleeft. Verborgen tussen de andere renners bespaart hij vijftig procent energie ten opzichte van de kansloze eenzame vluchter. Strak in het wiel rijden vereist alertheid en een een goede beheersing van de fiets. Eigenlijk is het illegaal. Kleven in het verkeer is verboden voor alle bestuurders, ook voor fietsers. Wel volkomen legaal kleef je op een tandem.

5. Word lichter

Wie de wielersport volgt, zou denken dat gewichtsbesparing op de fiets dé manier is om een fiets sneller te maken. Dat is niet zo. Drie kilo gewichtsbesparing op je racefiets maakt je op een vlakke weg 0,1 kilometer per uur sneller. Verwaarloosbaar dus. Bergop levert een lager gewicht wel veel op, dat bepaalt dan bijna geheel de weerstand. Een lichte fiets geeft vooral plezier bij het stallen en optrekken. Het scheelt nogal of je een zware stadsfiets van 21 kilo in een bovenrek moet plaatsen of een lichtgewicht van vijftien kilo. De meest efficiënte manier om gewicht kwijt te raken, is zelf afvallen.

 

6. Wees gestroomlijnd

Het werelduurrecord fietsen staat momenteel op bijna 87 kilometer per uur, gereden op een fiets omhuld door een gestroomlijnde kuip. Ter vergelijking: het werelduurrecord voor een gewone racefiets bedraagt vijftig kilometer per uur. Luchtweerstand wordt mede bepaald door een aerodynamische vorm. Die van het menselijk lichaam en standaard fietsonderdelen zijn niet gunstig. Spaken en framebuizen kun je druppelvormig maken, maar de winst is gering. De snelste fiets voor dagelijks gebruik is de Quest van velomobiel.nl. Dit is een driewieler met gestroomlijnde carrosserie. Fiets je op een racefiets dertig kilometer peruur, dan rij je op een Quest veertig kilometer per uur. Bij open ligfietsen levert het plaatsen van een gestroomlijnd bagagepuntje een snelheidstoename van ongeveer drie kilometer per uur op.

 

7. Verbeter je conditie

Door gericht te trainen en bewust te eten kun je sneller fietsen, maar de winst in pure snelheid is gering. Het grote voordeel is dat je een inspanning langer kunt volhouden en dat je sneller herstelt. Een erg nuttig hulpmiddel om je conditie en inspanningen te controleren is een hartslagmeter. Cafeïne is één van de weinige stoffen die sportprestaties meetbaar verbeteren, schrijft professor Martijn Katan in zijn boek Wat is nou gezond? Daarom staat cafeïne op de dopinglijst. Eén kop koffie levert honderd tot honderdvijftig milligram cafeïne. Een kop thee veertig milligram. De werking van veel voedingssupplementen is nooit (goed) onderzocht. De supplementen die wel zijn onderzocht, blijken meestal niks uit te halen.

 

8. Trap efficiënter

De benen moeten goed kunnen draaien. Zet het zadel dus op de goede hoogte. Bij veel fietsers staat het zadel te laag. Probeer uit wat voor jou het lekkerste zit. Kleine of grote mensen kunnen baat hebben bij kortere of langere cranks. Gebruik de versnellingen voor een prettig beentempo. Schoenen met stijve zolen fietsen prettiger dan schoenen met slappe zolen. Met klikpedalen zitten je voeten vast aan de trappers waardoor je meer ontspannen fietst.

9. Fiets assertief

Met één keer vol in de remmen verlies je energie waarmee je twintig seconden had kunnen fietsen. Het loont de moeite om zo te rijden dat je zo min mogelijk moet remmen. Goede tactieken zijn: anticiperen op het verkeer, ver van te voren inschatten of je moet remmen zodat je kunt freewheelen, bochten goed inschatten en liever sturen dan remmen.

 

10. Pleit voor goede fietsinfrastructuur

Als fietser ben je voor snelheid erg afhankelijk van de kwaliteit van de infrastructuur. Glad asfalt fietst sneller dan hobbelige tegels, rechtsaf slaan gaat makkelijker dan linksaf oversteken, slecht afgestelde stoplichten laten je onnodig wachten, beschut heb je minder last van wind dan op een open vlakte en op smalle fietspaden heb je meer last van andere fietsers dan op brede paden. Een voorbeeld van uitstekende infrastructuur zijn de doorgaande fietsverbindingen die de gemeente Nijmegen heeft aangelegd. Vanaf het station kun je bijna zonder oponthoud fietsen naar de spoorbrug over de Waal, naar de universiteit en de gemeente Wijchen.

 

Tot slot

 

In dit artikel worden getallen genoemd om een beeld te geven van de verschillen. Dit is indicatief.

Kees Bakker

Kees Bakker

Consumentenvoorlichter (TestKees)

TestKees test bij de Fietsersbond bijna alle fietsgerelateerde producten die er te vinden zijn.

Samen fietsen we beter!

Word lid