header_driewiel

Aanbevelingen

… om barrièrevorming te vermijden, te verzachten of te compenseren. En een wensbeeld voor het eindresultaat.

Nieuwe barrières vermijden
Barrières moeten een belangrijk aandachtspunt worden bij de planvorming voor infrastructuur en ruimte. Nieuwe infrastructuur mag niet ten koste gaan van de belangen van (potentiële) fietsers en voetgangers. Ook bij aanpassingen aan infrastructuur, bijvoorbeeld bij kruisingen van spoorlijnen of provinciale wegen, moeten de belangen van fietsers en voetgangers voldoende gewicht krijgen. Er moet juist worden onderzocht of er kansen bestaan om de voorzieningen en de ruimtelijke inrichting voor het fiets- en voetgangersverkeer te verbeteren. Concreet betekent dat:

  • onderzoek naar effecten op fietsers opnemen in de planvorming (fietseffectrapportage),
  • barrièrevorming voor fietsers en voetgangers meewegen in de besluitvorming,
  • integrale planvorming voor verkeer en omgeving toepassen (aanpak van gebieden),
  • fietsvoorzieningen tijdig meenemen bij de grote projecten, zodat er een maximale ontwerpvrijheid is,
  • een flink budget reserveren voor maatregelen voor fietsers en voetgangers, waarbij het principe ‘de veroorzaker van de barrière betaald’ zou moeten worden gehanteerd,
  • regie van de provincie en/of de stadsregio, vanwege het grote aantal betrokken actoren en de noodzakelijke samenwerking om het fietsbelang te waarborgen,
  • vroegtijdig en structureel overleggen met de plaatselijke of regionale afdeling van de Fietsersbond.

Verzachtende maatregelen
Waar het maken van verplaatsingen op de fiets of te voet door barrières gehinderd wordt, zijn voldoende verzachtende maatregelen nodig. Een louter verkeerstechnische aanpak zal daarbij vaak tekort schieten, fiets- en voetgangerssystemen vereisen immers een passende stedelijke of landschappelijke inbedding. Een aantal belangrijke concrete aandachtspunten voor fietsers zijn:

  • Keuze en vormgeving van ongelijkvloerse kruisingen. Vaak gaat het om onderdoorgangen en bruggen. Een optimale vorm en omgeving is van groot belang, want ongelijkvloerse kruisingen zijn uit zichzelf belemmerend voor fietsers (hoogteverschillen, sociaal onveilig, windhinder). Verdiepte aanleg van de (grote) infrastructuur heeft dan ook meestal de sterke voorkeur.
  • Het behoud van de logische samenhang van de fietsroutes. Daarvoor is in veel gevallen een herstructurering nodig van het netwerk van lokale verbindingen. Daarbij zijn de sociale veiligheid, de aantrekkelijkheid en de directheid van de (nieuwe) fietsroutes aandachtspunten waar niet aan voorbij mag worden gegaan.
  • Benutten van kansen voor bijzondere oplossingen zoals:
    • aanleg van aantrekkelijke nieuwe fietsverbindingen parallel aan watergangen en spoorlijnen,
    • openstelling voor langzaam verkeer van bestaande parallele wegen en paden langs watergangen en spoorlijnen die momenteel gesloten zijn,
    • medegebruik van ecologische verbindingspassages, zoals bij ecoducten en faunatunnels,
    • overwegen alleen afsluiten voor gemotoriseerd verkeer en ombouwen voor exclusief gebruik door fietsers, voetgangers en ruiters,
    • aanleg van kleinschalige doorsteekjes en aansluitingen voor fietsers en voetgangers,
    • koppelen van voorzieningen voor fietsers en voetgangers aan kunstwerken voor trein, auto, of scheepvaart, zoals het aanhangen van fietsbruggen aan spoorbruggen, het verbreden van sluisdeuren zodat er een pad over kan, of het maken van nieuwe fietsverbindingen onder viaducten,
    • aanleg van eenvoudige, zelf te bedienen, kettingpontjes.
  • Waar de schaalvergroting ondanks alles te ver doorgeschoten is, hebben fietsers behoefte aan betere mogelijkheden om de fiets mee te nemen in metro of light-rail.
  • Realiseren van goede tijdelijke fietsvoorzieningen bij bouwwerkzaamheden en hierover goed communiceren.

Benutting vergroten
Exploitatietekorten leiden soms tot het verdwijnen van voorzieningen als (veer)ponten. Daarom zou waar dat mogelijk is het toeristische gebruik van de ponten moeten worden gestimuleerd (rondjes met de pontjes, varende fietspaden).

Compenserende maatregelen
Als een barrière te beperkte recreatiemogelijkheden veroorzaakt, kan compensatie elders in het gebied soms soelaas bieden. Bijvoorbeeld door:

  • aanleg of verbetering van groenzones in grote steden,
  • aanleg of verbetering van (park)landschappen bij steden,
  • nieuwe (solitaire) fietspaden door een gebied.

Waar een nieuwe barrière ontstaat is de aanpassing van de bewegwijzering van fietsroutes vanzelfsprekend noodzakelijk, het mag echter niet het enige zijn waar aandacht en geld voor is.

Planologische consequenties
Wanneer een barrière onvermijdelijk is, moet er worden geïnvesteerd in een hoog voorzieningenniveau voor de geïsoleerde woonkernen, niet alleen in scholen en winkels, maar ook in recreatieve voorzieningen.

Wensbeeld
Het eindresultaat van de gewenste inspanningen moet er ongeveer als volgt uitzien:

  • de afstanden tussen de belangrijkste herkomsten en bestemmingen zijn niet groter dan ongeveer 3 km,
  • fietsers hebben een fijnmaziger netwerk dan het autoverkeer,
  • het fietsnetwerk voldoet aan de eisen uit Tekenen voor de Fiets:
    • er is een goede samenhang,
    • het omrijden en het oponthoud is minimaal,
    • de routes zijn ook wat hun omgeving betreft aantrekkelijk,
    • de sociale veiligheid en verkeersveiligheid zijn optimaal,
    • het is er comfortabel fietsen.

Wim Bot, Laurent Theunissen
(Fietsen met obstakels, barrières in Zuid-Holland, 2004)